Achter je emoties schuilen pareltjes van verlangen

Achter je emoties: kijk je daar wel eens? Het is niet heel gek om daar ‘nee’ op te antwoorden. Sterker nog; dit geldt voor heel veel mensen. Vaak willen we zelfs al niet stilstaan bij de emoties zélf. Althans de emoties die in onze beleving classificaties als ‘lastig’ ‘pijnlijk’ ‘niet acceptabel’ opgedrukt hebben gekregen. Laat staan dat we ook nog áchter die emoties kijken.

In onze omgeving hebben we vaak ook geleerd dat we die emoties beter niet kunnen tonen. Of bijvoorbeeld maximaal in een gematigde versie. Je mag dan bijvoorbeeld wel boos zijn, maar dit mag niet gehoord worden door de buren. Je mag wel huilen, maar stil, niet met van die gierende uithalen. Alles dus met de grens van het ‘algemeen geaccepteerde’.

Dat wat als ‘lastig’ wordt ervaren door jezelf en/of de omgeving wordt pro-actief weggesust, weggedrukt, verdrongen, onder het tapijt geveegd, genegeerd, weggeredeneerd, weggelachen, weggehoond, verbeten, weggewuifd, gebagatelliseerd, vergoelijkt, weg gerelativeerd en ga zo door.

Hoe je effectief omgaat met je emoties 

Ik heb al heel veel geschreven en nog veel meer gecoacht rondom het thema effectief omgaan met ongewenste gevoelens. Hoe kun je jezelf meer ruimte gunnen om ook die kanten en momenten van jezelf er te laten zijn? Hoe kun je liefdevol zijn naar die aspecten van jezelf? Mag de kwetsbaarheid, de pijn, de angst er zijn? Of heeft die stem in jou, die hoe dan ook vindt van niet, altijd het hoogste en het laatste woord?

We willen ons goed voelen, en onze omgeving heeft vaak ook het liefst dat we ons goed voelen. Of in elk geval dat we ons niet te lang minder goed voelen. Dat is het makkelijkst, het soepelst. Het zogenaamd (!) negatieve gevoel wordt ervaren en behandeld als een indringer. Als iemand die het feest genaamd ‘Geluk’, en de after party ‘Harmonie’ bruut komt verstoren. Als de fee die niet welkom was op het geboortebal van Doornroosje.

Emoties: geef ze de credits die ze verdienen

Maar wat nou als we het helemaal mis hebben? Wat als ook dat ongewenste gevoel een belangrijke, waardevolle functie heeft in je leven? Hoe zou je leven eruit zien wanneer je ongewenste gevoelens geen probleem meer zouden vormen voor je? Hoe zou het zijn als ze juist belangrijke gasten zijn op het feest van je leven, met in hun armen een cadeau dat nog net niet van levensbelang is? Maar wel degelijk van levensvreugde-belang? Namelijk in een belangrijke ‘signaalfunctie’.

Het helpt om als eerste stap bewust te worden van hoe je tot nu toe (het is niet in beton gegoten) met je emoties omgaat. Behandel jij frustratie, verdriet, eenzaamheid, afgrijzen, angst en vertwijfeling als ongenode gasten? Wijs je hen de deur, nog voor je hen hebt aangekeken en aangehoord? Vervolgens helpt het besef dat je een keuze hebt. Bijvoorbeeld om ze te aanvaarden of toch door te gaan op het oude pad van de emoties niet te willen voelen. Wil je liever een short cut? Dan suggereer ik daar optie 1 😉

Als je hebt gekozen voor de acceptatie dan betekent dit iets. Namelijk dat je alle woorden uit de eerste alinea die met ‘weg’ beginnen weglaat. 🙂 Dat het gevoel er mag zijn, dat je het kunt voelen. En dat het op zijn eigen tijd weg mag gaan. Dat je beseft dat jij de timing daarvan niet kunt controleren.

Na acceptatie heb je alweer de vrijheid om een keuze te kunnen maken. Zo kun je bijvoorbeeld blijven bij de stap ervoor: het vriendelijk en zonder oordeel ruimte geven aan een gevoel. Tot het vanzelf minder wordt, en op zijn eigen tijd verdwijnt.

Welke behoefte zit er achter de emoties?

Een andere mogelijkheid is op onderzoek gaan. Wat zit er achter je emoties? Bijvoorbeeld als je boos bent. Welke behoefte zou daaronder kunnen zitten? Of meerdere. Welke behoeften zijn er niet ingevuld in die situatie waarin je zo boos werd? Soms is dit even graven. Ook weer omdat we doorgaans niet gewend zijn zo naar onze emoties en onszelf te kijken.

Bij mezelf merkte ik dat de lijst met mogelijke behoeftes in mijn hoofd redelijk kort was. Hierop worden we ook niet getraind. Ik vermoed omdat er een klein maar voelbaar taboe zit op aan jezelf denken, bezig zijn met wat je zelf nodig hebt. Gezonde zelfzorg zit tot mijn spijt iets te snel in de verdomhoek van veroordeling. Alsof het al snel te veel is wat je voor jezelf doet. Vanzelfsprekend bekijk ik dit door het nauwe vizier van mijn eigen conditioneringen.

Hoe dan ook vond ik het waardevol om in de opleiding Verbindend Communiceren ellenlange lijsten met gevoelens, emoties, behoeftes en pseudo-emoties door te nemen. Dan kun je veel gerichter voor jezelf benoemen waar het hem aan schort, wat je nodig hebt. Terug naar de boosheid uit het voorbeeld. Haal een situatie terug voor jezelf, daar kun je vaak hints uit halen.

Een praktijkvoorbeeld van achter je emoties kijken

Stel dat je al fietsend scherp wordt afgesneden en dat die snijder niet op- of omkijkt wanneer je hier wat van zegt. Eerst kun je het containerbegrip boosheid misschien nog specifieker maken:

  • furieus
  • geagiteerd
  • geïrriteerd
  • woest
  • razend
  • gepikeerd

En daarna kijken wat er achter je emoties zit. Bijvoorbeeld: “Toen hij me afsneed en niet reageerde, voelde ik me gefrustreerd omdat ik behoefte heb aan veiligheid en ruimte in het verkeer, en omdat ik respect wil geven en ontvangen met medeweggebruikers.” Dit beseffend voor jezelf haalt de ergste angel eruit. Dat waar je behoefte aan hebt is gehoord, mocht er zijn, werd niet veroordeeld. Soms is dat al genoeg.

In sommige andere situaties kun je nog kijken (weer een keuze die vanuit vrijheid en bewustzijn ineens bereikbaar wordt!) of je iets kunt doen om je behoeften alsnog in te vullen. In het verkeersgeval gaat dat niet echt op. Maar in sommige andere situaties wel! Is bij die behoefte een andere persoon betrokken? Over hoe je dan een goed verzoek aan een ander kunt maken rondom je eigen behoefte kun je meer lezen in dit blog.

Achter je emoties kijken wanneer die fijn voelen: ook waardevol!

Er is nog iets moois waar je voor zou kúnnen kiezen. Dat is ook eens kijken achter de emoties die je zelf als positief labelt. Bijvoorbeeld wanneer je ontzettend blij bent, je geïnspireerd voelt, vol liefde of heel ontspannen bent. Waarom zou je dat doen? Omdat het je interessante informatie geeft over welke behoeftes er op dat moment wél vervuld worden.

Een wellicht onverwacht praktijkvoorbeeld uit mijn leven: ik ben met mijn goede vriend Johan op stap. We houden dan vaak gesprekken met volslagen vreemden en voeren daarin samen een compleet toneelstuk op, waarbij ze al snel niet meer bijkomen van het lachen. En wij ook niet. Het is zó grappig. Johan en ik zijn goed op elkaar ingespeeld; we voelen elkaar heel goed aan en met onze levendige fantasie als extra ondersteuning kunnen we uit de losse pols zomaar de gekste verhalen schudden. Johan’s overtuigingskracht (die heb ik weer minder) maakt daarbij dat mensen het ook nog geloven. Wat natuurlijk nog hilarischer is. Het komt soms ook voor dat een van de mensen in het publiek mee gaat spelen en dan krijgt het nog weer een extra laag van grappige verdieping. Zulke spontane grappen maken me blij. Namelijk omdat de volgende behoeftes zijn vervuld:

de behoefte om/aan:

  • gek te doen
  • plezier te maken
  • los te komen van mijn serieuzere kant
  • connectie & verwantschap te voelen in een vriendschap
  • speelse connectie met een ‘publiek’
  • veel te lachen
  • luchtigheid
  • creatief bezig te zijn
  • grenzen te verleggen

Hoe meer ik daar bij stil sta, en hoe meer vervulde behoeftes ik erbij herken, hoe duidelijker het me wordt waarom ik het zo leuk vind. Maar ook hóé leuk ik het vind. Zo kun je weer bewustere keuzes maken, en iets desgewenst vaker doen. Denk je nu: ja hartstikke leuk qua theorie dit, maar ik wil weten wat jullie zoal uithalen?

Van die dingen

Volgens onze fantasieverhalen is Johan bijvoorbeeld net vrijgekomen uit het Pieter Baancentrum en begeleid ik hem op zijn eerste dag ‘terug in het wild’. Dan maan ik de serveerster op het terras samenzweerderig om voor de zekerheid toch maar geen bestek op de tafel neer te leggen. Omdat het toch niet zeker is of het voor Johan al gaat lukken om daar verantwoord mee om te gaan.

Bij een andere situatie zitten we te eten in de Paraplu in Den Haag. Meestal is het vervelend dat tafeltjes zo mega dicht op elkaar geprakt zijn. Maar in ons geval betekent dit dat er meer mensen meeluisteren, wat dan alleen maar leuk is. Ik kijk naar de menukaart en vraag de ober naar wat iets is op de kaart dat ik niet ken. Hij legt het vriendelijk uit. Johan zegt daarop verklarend en verontschuldigend tegen hem: ‘Ja, ach, weet je? Het meisje komt normaal alleen bij de Mac Donalds..’ De ober is verbijsterd van deze reactie, maar zegt er maar niks van. Later blijkt dat de man uit degelijk hout gesneden is. Johan bestelt namelijk een kwarteltje, maar zodra het opgediend wordt, kijkt hij ontdaan. ‘Dit ga ik niet opeten hoor. Het kijkt me nog aan! Het is gewoon nog een hele vogel, ik heb liever een filet.’ De ober grijnst: ‘Oh, meneer eet zelf zeker ook alleen maar bij de Mac Donalds?’ Touché! Meestal maken we er zelf een veel uitgebreider verhaal van, en betrekken we daar allerlei omstanders bij. Maar dit was een lekker kort voorbeeld, met de ober in de hoofdrol. 😉

NB: Johan leest dit blog alleen maar om te kijken wanneer ik éíndelijk een blog over hem geschreven heb, niet omdat hij de materie van het blog interessant vindt. Hij scant dus de tekst vluchtig op de zijn naam. Ik heb hem al getipt dat dit veel sneller gaat met ‘CTRL F Johan’. Waarschijnlijk is dit blog, dat nu toch ook eindelijk over hem gaat, alsnog een deceptie. Omdat hij volgens mij liever heeft dat ik over zijn wijze kanten schrijf. 😉 Maar ja. Sommige dingen moet je gewoon niet te veel voeden. 😀